Veel zelfstandigen en ondernemers hebben ooit een VAPZ- of IPT-contract afgesloten — vaak bij de opstart van hun activiteit — en laten dit daarna jarenlang ongewijzigd lopen.
Begrijpelijk.
Maar in de praktijk zien we dat deze contracten zelden nog perfect aansluiten bij de huidige situatie van de ondernemer.
Wanneer werd jouw VAPZ of IPT voor het laatst grondig nagekeken?
Een periodieke check is geen overbodige luxe.
1. Te hoge instapkosten (zonder dat je het beseft)
In veel klassieke VAPZ- of IPT-contracten zitten instapkosten van 2% tot 3%. Dat lijkt beperkt, maar over 20 à 30 jaar loopt dit op.
Voorbeeld
Een zelfstandige stort jaarlijks €3.500 in een klassiek VAPZ met 3% instapkosten.
- Jaarlijkse instapkost: €105
- Netto belegde premie: €3.395
Over 30 jaar:
- Totale premies: €105.000
- Totale instapkosten: ± €3.150 (excl. gemiste intresten)
Na vergelijking blijkt hetzelfde type VAPZ mogelijk met 0,5% instapkosten.
- Totale instapkosten over 30 jaar: ± €525
- Verschil: €2.625 minder kosten
Belangrijker: dat bedrag werkt vanaf dag één mee aan het rendement.
Bij een gewaarborgde rente van 1,75% kan dit oplopen tot €3.200 – €3.500 extra eindkapitaal, zonder extra storting.
Conclusie: bij tak 21 zit de optimalisatie niet in het risico, maar in de structuur en kostprijs
2. Geen duidelijke visie in het beleggingsluik (tak 23)
Bij IPT’s met een beleggingscomponent zien we vaak:
- meerdere fondsen gekozen bij opstart
- geen duidelijke reden waarom net die fondsen
- geen link met leeftijd of pensioenleeftijd
- overlappende strategieën
Het contract is technisch in orde, maar mist samenhang.
Gevolg:
Het rendement hangt af van toevallige keuzes in plaats van een doordacht plan.
Na een analyse:
- wordt eerst het doel bepaald
- daarna een duidelijke strategie gekozen (defensief – gemengd – dynamisch)
- en pas dan worden fondsen geselecteerd die die visie ondersteunen
Resultaat: een structuur die consequent werkt richting het einddoel.
3. Een defensieve start zonder langetermijnvisie
Veel starters kiezen automatisch voor tak 21 “voor de veiligheid”.
Voor een ondernemer van 30 jaar met nog 35 à 40 jaar beleggingshorizon kan dit betekenen:
- gewaarborgde rente rond 1,25% – 1,75%
- beperkt groeipotentieel
- inflatie die jaar na jaar aan de koopkracht knaagt
Concreet voorbeeld
Bij €5.000 jaarlijkse storting over 35 jaar:
- Tak 21 aan 1,5% → ± €235.000
- Gemengde aanpak aan 3,5% → ± €330.000
Verschil: bijna €95.000 extra pensioen.
Zonder hogere stortingen.
Essentie:
Veiligheid is belangrijk.
Maar tijd is voor jonge ondernemers hun grootste troef — op voorwaarde dat men het risico bewust wil nemen.
4. Geen actieve opvolging
Een IPT kan correct zijn opgezet, maar daarna jarenlang niet meer worden geëvalueerd.
Wat we vaak vaststellen:
- fondsen blijven ongewijzigd
- geen periodieke evaluatie van kosten of risico
- geen bijsturing bij veranderende marktomstandigheden
- geen aanpassing bij wijziging in persoonlijke situatie
Resultaat: Het contract belegt, maar wordt niet beheerd.
Wat doet een VAPZ/IPT-analyse concreet?
Een onafhankelijke analyse brengt in kaart:
- aansluiting bij jouw pensioenplanning
- kostenstructuur
- rendementspotentieel
- samenhang van fondsen
- verhouding tak 21 / tak 23
- bescherming en waarborgen
Kleine optimalisaties vandaag kunnen duizenden euro’s verschil maken op lange termijn.
Een VAPZ of IPT loopt vaak 10 tot 40 jaar.
Dan loont het om even stil te staan.
Wil je weten hoe jouw contract scoort?